Financiele problemen

Bijna-faillissement en wederopstanding
In de eerste tien jaar van zijn bestaan groeide FC Utrecht gestaag. Belangrijke spelers uit die periode waren Hans van Breukelen, Leo van Veen en Willem van Hanegem. Begin jaren 80 werd besloten tot een nieuwbouw van het stadion, dat Nieuw Galgenwaard genoemd werd. In 1981 keerde het tij toen de FIOD een onderzoek instelde naar de club.

Hieruit bleek een reeks van malversaties. Transfer- en salariskosten van verschillende spelers werden zwart gefinancierd. Tussen 1976 en 1980 had de club geen premies volksverzekeringen en loonbelasting over hand- en tekengeld betaald. Daarnaast was er gefraudeerd met de recettes



De club kon niet aan de gestelde naheffing voldoen en werd onder surseance van betaling gesteld. Een faillissement leek onontkoombaar. Hierop werden door spelers en supporters diverse acties georganiseerd. Middels een handtekeningenactie wist de club 66 duizend handtekeningen voor behoud van de club op te halen. De spelers gingen, onder leiding van Hans van Breukelen, langs de deuren met kwartetspellen van FC Utrecht en namen een single op getiteld We geven het niet op. De gemeente Utrecht besloot uiteindelijk gehoor te geven aan de sympathisanten en schoot de club het verschuldigde bedrag voor.

Nieuwe financiële problemen
Na een aantal sportief zwakkere jaren, bereikte FC Utrecht in 1991 de 4e plaats van de eredivisie, met spelers als Johan de Kock, Jan Willem van Ede en Rob Alflen. Hierna ging het echter snel bergafwaarts met de club. Doordat het FC Utrecht niet meer lukte zich te plaatsen voor Europees voetbal werden er inkomsten misgelopen. Tussen 1989 en 1996 werden in 7 jaar tijd, 6 trainers versleten en waren er evenveel directiewisselingen. Er ontstonden ruzies en geldproblemen, waardoor er wederom goede spelers verkocht moesten worden om de gaten in de begroting te dichten.

Zo vertrok Rob Alflen in 1991 naar AFC Ajax, Johan de Kock in 1994 naar Roda JCen Ferdi Vierklau in 1996 naar SBV Vitesse. In 1996 greep hoofdsponsor AMEV in. De club kreeg een financiële injectie in ruil voor bestuurlijke macht. De verzekeraar stelde Hans Herremans aan als voorzitter.

In 1996 werden direct vele aankopen gedaan. Errol Refos,Rob Witschge en, oud-Utrechtenaar, John van Loen kwamen over van Feyenoord, Reinier Robbemond van FC Dordrecht, Dick van Burik van NAC Breda en Michael Mols van FC Twente. Ronald Spelbos werd aangesteld als hoofdtrainer met Jan Wouters als assistent naast zich. In 1998 werd er begonnen aan een complete renovatie van het stadion, naar een ontwerp van Zwarts & Jansma Architecten.

Ondanks de kapitaalinjectie, bleven sportieve successen de eerste jaren uit en diverse trainers passeerden de revue. Pas in 2001 wist de ploeg, onder leiding van oud-speler Frans Adelaar weer Europees voetbal te behalen. In 2002 verloor de ploeg nog de finale van de KNVB-beker, maar in 2003 en 2004 wist de ploeg, die onder leiding was gekomen van Foeke Booy, de beker te winnen. Belangrijke spelers in deze periode waren onder andereDirk Kuijt, Tom van Mol, Jean-Paul de Jong, Pascal Bosschaart en Stijn Vreven.

 2003
Als gevolg van onder andere de economische crisis en het uitblijven van lucratieve transfers stond FC Utrecht in het voorjaar van 2003 echter wederom aan de rand van de afgrond. Er was geen geld meer om Midreth, het bedrijf dat verantwoordelijk was voor de bouw van het stadion, te betalen. Op dat moment was het stadion voor een groot deel af.



Aangezien het materiaal voor de bouw al geleverd was, schoot het bouwbedrijf schoot de kosten, zo'n vijfenhalf miljoen euro voor. Hierdoor werd de club echter wederom opgezadeld met een enorme schuld. Met een sanering en de verkoop van alle bezittingen, waaronder het stadion, aan onder andere de gemeente Utrecht en Midreth, werd een faillissement afgewend

FC Utrecht verborg financiële details
UTRECHT, 24 MEI 2003. Bij FC Utrecht, dat de grootste schuld heeft van alle betaalde clubs, zijn de laatste maanden pijnlijke details over financiële transacties binnenskamers gehouden uit angst dat dit de redding van de club zou beletten. Dit blijkt uit een reconstructie van deze krant.

Zo is oud-voorzitter H. Herremans intern verweten dat hij zich heeft ingelaten met ,,de schijn van belangenverstrengeling'', aldus bestuursnotulen van 6 maart. Herremans heeft zijn huis laten verbouwen door dezelfde aannemer, Midreth, die stadion De Galgenwaard van de club verbouwt. De meerkosten bij deze verbouwing - 7 miljoen euro - zijn een belangrijke reden voor de financiële problemen van FC Utrecht.

Bestuursleden, commissarissen en het interim-management hebben Herremans' handelwijze op 6 maart unaniem afgewezen. Interim-directeur M. Sturkenboom van FC Utrecht vindt dat Herremans ,,nooit'' met Midreth zaken had moeten doen. ,,Hoe ga je dat aan een normale supporter uitleggen?'' Herremans' opvolger als voorzitter, G. Bloemink, zegt dat hij zich ,,kan voorstellen dat je de schijn tegen krijgt. Ik begrijp dat mensen zo reageren''. Herremans, die deze krant niet te woord wilde staan, heeft toegegeven dat hij zijn privé-zaken met Midreth aan de club had moeten melden. Hij bestrijdt dat hij er financieel profijt van heeft gehad. Herremans vertrok medio 2001 als voorzitter, maar was tot voor enkele weken president-commissaris van Stadion NV, die voor de club de stadionbouw begeleidt. Hij is directeur van de Eredivisie NV.

Ook zijn opvolger Bloemink, voorzitter tot vorig najaar, ligt intern onder vuur omdat uit een analyse van onverwachte meerkosten in het seizoen 2001-2002 is gebleken dat voor ongebruikelijk veel geld opdrachten zijn verstrekt aan PriceWaterhouseCoopers (PWC). Bloemink werkt als accountant bij PWC. Hij zegt dat de opdrachten nooit door hem aan PWC zijn verstrekt en dat PWC alleen op kwalitatieve criteria is ingehuurd. Sportwethouder Spekman, die een plan heeft om FC Utrecht te redden, keurt de ,,ons-kent-ons cultuur'' in het voetbal af. Oud-technisch directeur Van Breukelen en rechtsback Vreven geven toe dat ze betrokken zijn geweest bij een constructie om de betaling van loonbelasting te ontlopen.
(Bron: NRC)

Seizoen 2013/14
FC Utrecht is nog niet uit de financiële problemen. De Domstedelingen maken woensdag de jaarcijfers bekend en hebben over het seizoen 2013/14 een nettoverlies van 3,6 miljoen euro geleden. Toch is er bij Utrecht voldoende ruimte voor optimisme.

Een jaar eerder bedroeg het nettoverlies immers nog 13 miljoen euro en dit verlies is dus flink gedaald. De rigoureuze verkleining van het verlies is een resultaat van ingrijpende herstructureringsmaatregelen die de club, die in juni 2013 volledig is gefuseerd met investeringsbedrijf FPI, heeft getroffen. Dat meldt Utrecht op de website van de club.




Algemeen directeur Wilco van Schaik geeft complimenten aan 'iedereen die bij FC Utrecht is betrokken': "Zij zorgen voor de toekomst van FC Utrecht, die langzaam maar zeker weer wat mooier belooft te worden", stelt Van Schaik. "De ambities komen weer naar boven en dat mag ook. Doelstellingen en verwachtingen komen ook weer wat hoger te liggen en de norm in de organisatie gaat omhoog. Dat moet ook. Wij zijn FC Utrecht, wij staan ergens voor. Ambitie, uitdaging, lef. Dat zijn kernwaarden die weer boven komen drijven."

Supportersvereniging FC Utrecht

De SupportersVereniging FC Utrecht (SVFCU) is de officiële supportersvereniging van FC Utrecht en vertegenwoordigt met ruim 5.500 leden een aanzienlijk deel van de Utrechtse achterban.

Lid worden?